GoNo's Gedichten & Verhalenhoek

De hersenspinsels van een zelf- en door anderen verklaarde dichter/schrijver.

donderdag 8 maart 2012

De Jeugd van Tegenwoordig en Daarna 3

“ Gaat ge nu eindelijk vertellen wat de eisen zijn van die kinderen? We moeten nog een reportage maken over de aambeien van de koning…of zijn het de aardbeien van de koning? Die vijf minuten respijt zijn ondertussen al uitgelopen tot meer dan een uur. Zendtijd kost geld hé?”zegt de grote baas van de commerciële zender op kwade toon.
De commissaris kijkt boos op. Wat denk dat baasje wel? Hem voor schut zetten terwijl de halve wereld aan het kijken is?
“ Sla die man in de boeien, obstructie van het voeren van een onderzoek naar de vermeende terroristische prakijken van de jeugd van tegenwoordig en daarna…”zegt hij in één adem.
‘ Ik beroep mij op de persvrijheid, de vrije meningsuiting en nog wat artikelen uit de grondwet, die ik nog moet verzinnen…”maakt de baas zich dik.
“ Jaja, daar gaan we weer. Altijd hetzelfde liedje. En toevallig kent ge nog de grote baas van justitie ook zeker? Of de koning persoonlijk? Iemand die reportages maakt over het welzijn van lijf en leden van de koninklijke familie, moet zeker op een goed blaadje staan hé? Afvoeren die man, in ’t slechtste geval betaalt de belastingbetaler wel z’n onrechtmatige hechtenis. Sieg Heil, sorry, grapje…”. De vader van de commissaris had nog voor de Duitse bezetter gewerkt, eveneens als commissaris…
De stoottroepen omsingelen de baas van CZ 1 ( commerciële zender 1). Maar dat had u al begrepen, veronderstel ik. De baas is niet van plan zich zomaar in de boeien te laten slaan.
“ De eerste die aan m’n lijf komt, sla ik tot moes met de kijkcijfers. Alles wordt gefilmd en rechtstreeks uitgezonden. En voor ge me arresteert moet ge eerst bij de schminkster langs gaan. Anders komt ge niet mooi in beeld hé?”
Da’s ook waar, denken de zwaarbewapende agenten. Eerst de wetten van het televisiemaken volgen, daarna kunnen we hem nog altijd buiten beeld in elkaar rammen. Vierenvijftig man staan aan te schuiven voor de caravan van de schminkster. Eentje is er niet bij omdat hij een accute aanval van diarree heeft. Na het eten van een broodje met pindakaas. Een wraakactie van een Nederlander die ooit geklist werd, terwijl hij stond wild te plassen tegen de Onze- Lieve- Vrouwekathedraal. Maar dit terzijde…

Intussen op de crisiscel…

De crisisstaf is nog druk in de weer om een compromis te vinden. Wat zou er op dat briefje staan? En mag dit zomaar uitgezonden worden? Zal dat briefje geen schade toebrengen aan het imago van het land. In tijden van economische crisis is het oppassen geblazen. De investeerders in schoolbenodigheden zouden wel eens weg kunnen blijven. Of hun fabrieken naar de lageloonlanden verplaatsen. Nee, er moet een informatiestop komen. Het belang van de natie staat op het spel.
De premier is nu ook binnengekomen. De bode roept dat het stil moet zijn, de premier wil een woordje zeggen…
“ Ik ga, zoals de bode zo voortreffelijk uitdrukte, een woordje zeggen…Welk woordje dat weet ik nog niet. En met welke letter het zal beginnen al helemaal niet…”
’t Is muisstil in de conferentiezaal. Men kan op de gezichten lezen dat iedereen op dat “ woordje” zit te denken. De secretaresse van de premier heeft hem een blad. Er staat iets op, een leeg blad zou compleet onnozel zijn hé?
“ Het woordje begint met een “L”…”
Nu wordt het toch wel spannend. ’t Kan vanalles zijn. Er zijn zoveel woorden die beginnen met een “L”. De premier besluit om de aanwezigen niet langer in spanning te laten. Hij moet nog naar een reportage over de aambeien van de koning. Of waren het de aardbeien?
“ Lullen, is het woordje…”zegt de premier.
De minister van Onderwijs voelt zich betrapt. Heeft de premier gezien dat Silvia z’n lul aan ’t strelen is? Hij duwt de hand van Silvia weg en ritst z’n gulp dicht. Ietske te vlug, want z’n balzak zit tussen de rits. Wat hem een hartverscheurende kreet ontlokt.
“ Meneer de minister van Onderwijs, ge moet dat niet persoonlijk opnemen hé? Ik bedoelde dat jullie hier allemaal zitten te lullen terwijl de natie in rep en roer staat…”probeert de premier het gemoed van de minister van Onderwijs te bedaren.
’t Is schoon spreken, maar z’n balzak zit muurvast. Silvia probeert de sluiting naar beneden te trekken, maar de pijn wordt nog heviger. Er begint bloed te stromen. Hoe moet ik hier zonder kleer-en huidscheuren uitkomen, vraagt de minister zich af. Probeer het nog eens, maar wat zachter en rustiger, sist hij Silvia toe. Goede heelmeesters maken stinkende wonden of zoiets, fluistert Silvia in het oor van haar baas.
“ Laten we over gaan tot de orde van de dag. De vraag die we ons moeten stellen is de volgende. Mogen wij in ’t belang van de natie geweld gebruiken? De vraag stellen is ze beantwoorden. Als premier zeg ik volmondig ja. Als vader daarentegen zeg ik, ook volmondig, nee. Maar wat primeert, is de vraag. Het eerste of het tweede?”besluit de premier.
Ja, wat primeert? Het eerste of het tweede?

©GoNo

0 reacties:

Een reactie posten

Aanmelden bij Reacties posten [Atom]

<< Homepage