GoNo's Gedichten & Verhalenhoek

De hersenspinsels van een zelf- en door anderen verklaarde dichter/schrijver.

maandag 8 november 2010

Chrysanten zingen niet…

Wie kent me nog, vraagt de bejaarde zanger zich af. Waar is de tijd gebleven van den Ancien Belgique? De grote revues met hun bijna naakte dames en hun pluimveren gat? Hier waren ze preuts, maar in Parijs. Olalala, c’est magnifique!! En die Maurice Chevalier kende er wat van. Van katjes in ’t donker nijpen en knijpen. Ik ben oud en versleten, denkt hij. Wie wil er verdomme nu 100 jaar worden? Maar de tijd gaat voorbij en hij is er nog altijd. Hij doet wel alsof hij niet goed hoort, maar z’n hersenen zijn bijlange nog niet afgestorven. ’t Heeft soms z’n voordelen, ’t geeft hem de tijd om na te denken. Zoals die schepen die hem vraagt wat je moet doen om zo oud te worden. Hij doet teken dat ze wat dichter moet komen, wat ze ook doet. Haar oor plakt bijna tegen z’n tandloze mond. Vergeten z’n vals gebit in te doen. ’t Kan ook uit pure dwarsliggerij zijn. Wat zeg je? Wilt u de vraag herhalen? Camera loopt, huize Avondrood heeft een honderdjarige, hiep hiep hoera. De hele gemeenteraad is aanwezig, de burgervader komt iets later want moet nog een beker schenken aan de Keizer van het Gansenrijden. Maar ’t speelt geen rol, ’t is toch maar algemene repetitie…
Verzorgingstehuis Avondrood heeft ervoor gezorgd dat dit heuglijke feit niet zomaar voorbij zal gaan. Iemand die honderd jaar geworden is, mag al eens in de bloemetjes gezet worden. Op de vraag wat z’n lievelingsbloemen waren, antwoordde de honderjarige: “chrysanten”. En het was geen grapje hé..maar niemand had zin om de zaal te versieren met chrysanten. Dus staan er overal rozen, tulpen en andere snijbloemen uit de hof. De wanden zijn versierd met slingers uit de tijd dat carnaval nog uitbundig gevierd werd. Er hangen zelfs kerstslingers tussen, geen mens die het verschil ziet. Maar ’t is gezellig, zegt de directrice, de eeuweling is wreed content. Nietwaar, Mauriceke? Maurice denkt er het zijne van, wat zegt ge? Dat ge content zijt hé? Incontinent? Zie naar uw eigen hé?
Zie hoe ze zich wentelen in het aanschijn van de camera. Zie hoe belangrijk ze wel zijn, de natie zal tenondergaan als zij er niet meer zijn. De andere oudjes worden netjes de les gespeld, mooi blijven zitten en vals gebit inhouden. Meezingen mag alleen als de animatrice het zegt. Anders wordt het een bende hé? Maurice wil je dat liedje van uw naamgenoot zingen? Van wie? Van uw naamgenoot Maurice Chevalier? Ik ken geen Maurice Canapé. Chevalier, Chevalier…ma pomme of zoiets…
Ma pomme, ma pomme, c’est moi
Ma pomme,
C'est moi...
J'suis aimé comme un roi
Je n'me fais jamais d'mousse.
Sans s'cousse,
Je m'pousse.

De rest weet Maurice niet meer, de andere oudjes evenmin. Maar de orgelist van dienst heeft nog een ganse repertoire gaande van Edith Piaf tot Gilbert Bécaud. Allemaal dood en begraven. Maar hun muziek blijft eeuwig leven, zeggen ze althans. Niemand kan het controleren hé? Maurice is in slaap gesukkeld, droomt van andere en betere tijden. Toen hij succes na succes oogstte. Geld verdiende als slijk. De mooiste vrouwen aan z’n voeten lagen. Toen hij als jonge knaap in 1925 z’n eerste pasjes zette op het podium. Vijftien jaar was hij toen. Hij was zo stuntelig dat het publiek dacht dat het bij de act hoorde. Toen hij de tekst kwijt was, imiteerde hij op goed geluk Maurice Chevalier. Niet wetende dat de grootmeester himself in de zaal zat. Ze werden vrienden en zaten achter dezelfde vrouwen aan. De twee Mauricen, werden ze in de Moulin Rouge genoemd…
Hé, wat krijgen we nu? Slaapt Maurice? Zeg, maak die eens wakker, zonder de eeuweling hebben we geen programma. Maurice, Maurice, wakker worden, slapen moet ge na uw feest doen hé? Wilt ge m’n gerimpelde kloten eens kussen? Vraagt Maurice op beleefde en deftige toon. Wat zegt hij? Iets over gerimpelde poten, zal waarschijnlijk z’n handen bedoelen. Wat is er met je handen, Maurice? Doen ze pijn? De directrice neemt beide handen in haar handen, ze voelen koud aan. En ze zijn inderdaad gerimpeld. De directrice bekijkt ze, vraagt zich af hoeveel vrouwen hij met die handen gestreeld heeft? Tien, twintig, duizend? Ze krijgt het warm. Maurice ook. Kreunt opzettelijk. Geef hem wat frisse lucht, ge ziet toch dat hij naar adem snakt. Maurice wordt eventjes in de gang gezet. In de frisse lucht. Hé, daar is z’n vriend Maurice Chevalier. Met aan z’n arm Edith Piaf. De gluiperd heeft haar dan toch kunnen strikken? Kom, zegt Chevalier, laat ons wat pommes rapen, ma pomme, ma pomme…
’t Is welletjes geweest, niemand kent me nog, wacht Maurice, ik ga mee. Hoe meer zielen in de revue, hoe meer vreugde hé? De burgemeester staat geschrokken te kijken naar Maurice, een pot chrysanten ligt in scherven troosteloos te wezen…

©GoNo

0 reacties:

Een reactie posten

Aanmelden bij Reacties posten [Atom]

<< Homepage